Weg met de dwaalweg

Ik blijf er tegen aan lopen en ik erger me eraan: de hardnekkigheid van dwaalwegen en de daaruit voortvloeiende experts of aanhangers die een oplossing voor elk probleem hebben. Als je niet in de pas loopt, dan komt het vast omdat je in plaatjes denkt of omdat je reflexen nog niet geïntegreerd zijn. Een zorgelijke ontwikkeling als je het mij vraagt, omdat ouders de mooie praatjes voor zoete koek aannemen. Eerder schreef ik al een blog over hoe je weet of je met een dwaalweg te maken hebt door een aantal common sense’jes te geven die je voelsprieten moeten geven om een dwaalweg te ontdekken. Lees dat blog ook zeker. Het sluit hier naadloos op aan.


Dwaalweg: visuele leerstijl

Er zijn een aantal hardnekkige dwaalwegen. De grootste is de leerstijlendwaalweg, en met name de visuele leerstijl. Ondanks jarenlang onderzoek waaruit steeds naar voren komt dat ons brein echt niet zo werkt, blijft de groep aanhangers verkondigen dat dít de methode is voor sommige kinderen. Kijk onderstaand filmpje eens en leer hoe het wel werkt. Kijk het filmpje helemaal uit, want op het eind worden waardevolle tips gegeven.

YouTube video

Belangrijke tip uit het filmpje: typ in Google ‘learning styles debunked‘ in; je vindt daar links naar onderzoeken/websites die aantonen dat uitgaan van leerstijlen niet aansluit met wat we uit onderzoek weten. Eye-opener uit dit filmpje: We denken dat we een voorkeur hebben, maar dat is niet zo. We denken het, omdat iemand (lees: iemand zonder verstand van zaken) het eens gezegd heeft. Met andere woorden: we werden gevoed met een broodje aap.

Er wordt door aanhangers veel geschreven over hun visie. Als er een mooi uitziend boek voor je ligt dan denk je ‘zo dat is heel wat’. Maar vergeet niet: iedereen kan en mag een boek schrijven. Dat het prijkend voor je ligt, betekent niet dat er waarheden in staan. Hoe check je dat nou? Vaak beperken literatuurlijsten zich tot eigen werk en valt op dat wetenschappelijk onderzoek ontbreekt. Het is er niet tot nauwelijks. En wat er wel is, is zeer mager of wordt ronduit verkeerd geïnterpreteerd ten faveure van het eigen gelijk. Onderzoeken interpreteren is overigens een kunst op zich. Wat vaak gebeurt, is dat alleen dat eruit gehaald wordt wat het eigen gelijk bevestigd. Dat heet confirmation bias, daarover later meer. Wist je dat beelddenken over de grens niet eens bekend is? In Duitsland bijvoorbeeld, hebben ze er nog nooit over gehoord.

Lees het volgende artikel eens: De wankele basis van beelddenken. In dit artikel legt Jaap Walhout uit waarom beelddenken een wankele basis heeft.

Dwaalweg: reflexintegratie

Sinds een aantal jaren is er een nieuwe dwaalweg opgepopt: reflexintegratietherapie. Gedragsproblemen en leerproblemen zijn vanuit deze visie terug te voeren op de reflexen die we hadden als baby. Ik werd laatst gebeld door een ouder met de vraag of ik hulp kon bieden bij het integreren van een bepaalde reflex, omdat hun zoon door een niet goede integratie hiervan niet tot lezen en schrijven komt. Omdat ze het onderzoek aan de andere kant van het land hadden laten uitvoeren, zochten ze iemand in de eigen regio. Misschien was ik diegene? Nee, zeker niet ……… ik heb nog zeker een uur met ze aan de telefoon gezeten. De conclusies die getrokken werden, waren niet van de lucht. Hersenhelften zouden niet goed samenwerken***, door een niet-geïntegreerde reflex was de zoon niet toe aan lezen en schrijven en de aanpak van school was absoluut niet de juiste. De professional in kwestie was ooit basisschooljuf, heeft een RT-opleiding en een aantal certificaten van een aantal cursussen over reflexintegratie bij een instituut dat aan geen enkele universiteit verbonden is. Dat laatste alleen al, even los dus van de inhoud, zou alarmbellen moeten doen rinkelen. Kennisrotonde vat mooi samen in ‘Wat is het effect van reflextherapie op leer- en gedragsproblemen van leerlingen op de basisschool?’ waarom we ook hier onze goede tijd niet aan moeten besteden. **

Waarom zijn dwaalwegen zo hardnekkig?

Naast leerstijlen en reflexintegratie zijn er nog meer dwaalwegen, zoals die op het gebied van oogmotoriek en speciale brillen. Deze zie je vooral oppoppen rondom dyslexie. Waarom zijn alle dwaalwegen zo hardnekkig? Dit heeft met wanhoop van ouders te maken en hoe er op deze wanhoop wordt ingespeeld. Ik vermoed vaak niet eens met de verkeerde bedoelingen. Alhoewel ik soms ook wel erg twijfel aan de intenties, zoals bij: ‘Heeft jouw kind geen E’tjes op zijn cito’s en kan daarom geen dyslexie worden vastgesteld? Ik help je verder met een methodiek die wel werkt’ of ‘Slaat bij jouw kind de behandeling niet aan? Mogelijk is er nog niet gekeken naar de reflexen.’ Ik ervaar dat toch als zeer ondermijnend, al druk ik me doorgaans wat milder uit en noem ik het ‘niet helpend’. Maar feit is wel dat vasthouden aan een dwaalweg inhoudt dat tijd verloren gaat, tijd waarin gewerkt kan worden met iets dat wél werkt. Om over geld maar niet te spreken.

De dwaalweg overleeft omdat deze gevoed wordt door het gehoor dat er gegeven wordt aan de hulpvraag van ouders. Ga jezelf maar eens na: als je in het ziekenhuis komt omdat je ergens pijn hebt, wil je weten waardoor het komt. Je wil het vooral weten omdat je dan ook hoopt er iets aan te kunnen doen. Als ouders een eindgesprek bij een diagnosticus uitlopen met in hun ogen lege handen, dan komen ze van een koude kermis thuis. Vooral als ze op voorhand ergens van overtuigd waren en een diagnose ook deuren zou openen. En dan, …… dan gaan ze verder zoeken tot ze iemand gevonden hebben die hun pijn voelt en die hen in het gelijk stelt. Onder andere op deze manier houden dwaalwegen stand, omdat ouders vinden ‘dat er eindelijk geluisterd wordt’. Ik denk dat hierdoor weerstand tegen de wetenschap ontstaat. De dwaalwegbeoefenaar versterkt dat nog eens. Je afzetten tegen de gevestigde orde lijkt tegenwoordig op zich al iets nastrevenswaardigs.

Waarom jezelf tekort doen?

Een paar goede kennissen van mij werken als RT-er en orthopedagoog. Een aantal daarvan volgt een dwaalweg en zweren er goede resultaten mee te behalen. Als ik goed doorvraag, merk ik vaak dat ze ook andere dingen inzetten, dingen waarvan we wel weten dat het helpt. Zo dwaalwegstandvastig vind ik ze dus niet altijd. Waarom ze dan blijven vasthouden aan het toeschrijven van de winst aan de dwaalweg, is voor mij een raadsel. Daarnaast vind ik het gek dat ze deze winst niet aan zichzelf toeschrijven. De belangrijkste variabele voor het slagen van een behandeling of hulp is en blijft de therapeutische relatie. In mijn ogen doen deze goede kennissen zich dus te kort. Ik snap er werkelijk waar niks van. Zonde ook, want in mij en een grote groep andere gedragswetenschappers vinden ze geen doorverwijzers. Laatst nog mailde een collega of ik iemand in de regio wist die niet met een dwaalweg bezig is. Ik wist er één. Zij houdt vast aan dingen die we wel weten uit onderzoek en neemt haar eigen fijne persoonlijkheid mee en daarmee boekt ze grote winsten. Zonder poespas. Ze is een graag geziene en gevraagde professional bij overleggen op scholen en vertaalt op de juiste wijzen handelingsgerichte adviezen uit onderzoek. Zo zouden we er meer moeten hebben.

Wanneer moet je vraagtekens gaan zetten?

Wees op je hoede als:

  • Een methode niet terug te voeren is op wetenschappelijk onderzoek (evidence-based) of niet uitgaat van beproefde bevindingen (evidence-informed)
  • De achtergrond van de professional twijfelachtig is

Als een methodiek niet terug te voeren is op wetenschappelijk onderzoek of beproefde bevindingen, dan is het voornamelijk gebaseerd op ervaringen van anderen. Gevaar daarbij is dat niet duidelijk is of het ook voor anderen helpend zou zijn. Met goede ervaringen is op zich niets mis. Echter, willen we ze kunnen toepassen op een grotere groep mensen dan is onderzoek nodig. Onderzoek waarbij onafhankelijk gekeken wordt naar of iets werkt. Pas dan kun je zeggen dat het ook voor andere mensen helpend kan zijn. Dat is zeker belangrijk als je afwijkt van wat eerder onderzoek heeft aangetoond. En daar gaat het bij de dwaalweg al mis. Er is geen deugdelijk onderzoek gedaan, niet om te kijken of het voor meerdere mensen zou kunnen werken, maar ook niet om een wetenschappelijk tegengeluid te geven. Als je vindt dat al die anderen het mis hebben, moet je ook wel over de brug kunnen komen, toch?

Heel vaak krijg ik te horen ‘Moet alles dan wetenschappelijk onderbouwd zijn?’ ‘Wat mij betreft wel als je iets doet dat haaks staat op reeds aangenomen kennis en er kinderen mee gemoeid zijn’, is steevast mijn antwoord. Enkele dwaalwegen gaan al ‘een aantal jaren mee’, maar nog nooit is er evidentie gevonden. Gek toch? Ik vraag me ondertussen wel af waarom de wetenschap uit de gratie is geraakt. Waarom wordt die vraag maar steeds gesteld? Komt dat omdat de wetenschap geen gezicht heeft en de dwaalwegbeoefenaar wel? Wetenschappers zijn er heus niet op uit om de mensheid een loer te draaien. Ze toetsen wat we hypothetiseren, daar is niks mis mee. Dat is een deugd. We zijn als mensen namelijk geneigd om een aantal denkfouten te maken. Ik zet graag een aantal bekendste op een rij:

  • Het Dunning-Kruger-effect: dit is het effect van de overschatting. Als je iets over een onderwerp weet of je hebt net iets geleerd, overschat je vaak je eigen kennis of kunde. Ik heb mezelf gedurende mijn studie en daarna uitvoerig verdiept in de werking van ons brein, toch zou ik mezelf geen expert willen noemen. Ik vind het daarom bijzonder hoe mensen zonder enige vorm van neuropsychologische opleiding therapieën bedenken of aanbieden die dat terrein raken en zich neerzetten als expert.
  • Confirmation bias of het bevestigingsvooroordeel: als je ergens in gelooft of je vindt iets heel aannemelijk klinken dan zie je in je omgeving overal bewijs daarvoor. Je hebt een gekleurde bril, je bent niet meer objectief en zoekt bewijs voor je oordeel. Ik observeerde eens in een klas bij een juf. Ze was ervan overtuigd dat één van haar leerlingen autisme had. Ze had een cursus gevolgd en herkende zoveel in deze leerling. Tijdens mijn observatie zag ik heel veel dingen die juist niet op autisme wezen. Toch hield de juf voet bij stuk. Bij de dwaalwegbeoefenaars zie je het ook gebeuren. Ze lezen zich in, maar houden vervolgens alleen vast aan die gegevens die hun oordeel ondersteunen. Een tegengeluid willen ze al niet eens horen. Ik zie het ook gebeuren als ik in gesprekken om tafel zit met dwaalwegbeoefenaars, bij hun visie op de uitkomst van een intelligentie-onderzoek bijvoorbeeld, krijg ik verschillende vaak tegengestelde bevindingen te horen, maar hun conclusie is wel altijd hetzelfde: het komt door X of Y en hun dwaalweg is nodig of verklaart de boel. Hoe is dat mogelijk? Dat is mogelijk als je bevooroordeeld bent. Maar goed, niets menselijks is ons vreemd.
  • Affectheuristiek: we denken dat we objectief zijn, maar onze gevoelens kleuren ons oordeel. Dat iets goed voelt, betekent nog niet dat het goed is. Wat mij betreft gaat de dwaalweg teveel op gevoel of geloof. En wanhopige ouders luisteren naar iedereen die hun verhaal willen horen en er in mee willen gaan. Ook vanuit hun kant speelt affectheuristiek een grote rol. Ik heb overigens nog nooit gehoord dat ouders de casus van hun kind voorlegden aan een dwaalwegbeoefenaar en dat ouders dan te horen kregen dat het niet paste in de visie. Nog geen één keer. Jij wel? De visie is kennelijk van toepassing op iedereen die aanklopt bij de dwaalwegbeoefenaar. Zorgelijk.

De rol van onderzoek is om een onafhankelijk oordeel te vellen, vrij van al deze denkfouten dus. Daarom is onderzoek belangrijk. Een poos geleden kwam ik in discussie met een dame met dyslexie. Hoewel ze oorspronkelijk uit de Sales kwam, en daarbij erg aanliep tegen haar dyslexie, was ze nu dyslexiecoach. Op zich al wonderbaarlijk als je het mij vraagt. Ze plaatste een bericht op LinkedIn waarbij ze afgaf op beproefde methodieken en interventies die in het protocol waren beschreven. Het was volgens haar volstrekt belachelijk dat ervaringsdeskundigen niet meegenomen waren bij het tot stand komen van het protocol. Ik snap heel goed waarom dat niet gedaan is, op grond van al het bovenstaande. Met alle ervaringen is er niets onafhankelijks meer aan. Ervaringen kunnen, mits op de juiste manier in kaart gebracht, een rol spelen bij de hypothesevorming, maar bij diagnosestelling gaat het om het voldoen aan een aantal criteria. Hoe iemand zich daarover voelt, is daarvoor niet belangrijk, hoe hard het ook klinkt. Daarnaast vond de dame dat dat wat haar geholpen had in het rijtje werkende interventies en therapieën moest staan en niet in het rijtje dwaalwegen bij dyslexie. Want ‘Hoe kunnen zij nou weten wat helpt voor mij?’. En daar zit de crux: Voor wat bij haar werkte is geen evidentie gevonden dat het voor een populatie kan werken. Als we ons oordeel op positieve ervaringen en geloof moeten baseren is het eind zoek.

Een ander belangrijk punt is de achtergrond van de deskundige. Die is soms twijfelachtig. Ik krab mezelf al achter de oren als ik lees dat iemand RT-er is en ook oogmetingen doet. Ik denk gelijk ‘Wat weet een RT-er nu van ogen?’ Een vriendin van mij is oogarts, zij heeft ik weet niet hoelang gestudeerd. Waarom ga je voor oogvraagstukken niet naar een oogarts of optometrist? Hetzelfde geldt voor de met een aantal cursussen bijgeschoolde juf waar ik eerder over vertelde. Wat weet zij nou van neuropsychologie? En wat weet de ‘eerst Sales nu dyslexiecoach-dame’ nu eigenlijk echt over dyslexie. Laat het alsjeblieft een voelspriet worden en stel jezelf de vraag: is de professional echt deskundig?

In zijn algemeenheid zou je kunnen denken ‘ik probeer het’, maar het grote nadeel is dat je achteraf veel herstelwerk hebt als blijkt dat het niet iets opleverde. Daarmee verlies je op twee fronten veel tijd: tijdens en achteraf. En dat is zo zonde, ook voor je portemonnee. Baat het niet dan schaadt het niet, gaat dus niet op.

Voorvechters voor wat wél werkt

In Nederland publiceren Kirschner, Debruykere en Hulshof over wat wél werkt. Uit hun publicaties is op te maken dat ze wars zijn van dwaalwegen. Ze steken het niet onder stoelen of banken en dat is wat mij betreft maar goed ook. In hun publicaties lees ik een roep om mensen voor dwaalwegen te behoeden. Als orthopedagoog, met een universitaire opleiding, zie ik een taak, ook gestuurd door mijn beroepsethiek, om een tegengeluid te geven. Een geluid tegen dwaalwegen en voor wat wel werkt. Zelfs tegen het handjevol collega-gedragswetenschappers dat er ook in gestonken is, ook al nemen ze mij dat niet in dank af. Vaak hoor ik ‘Waar bemoei je je eigenlijk mee?’ of ‘Mogen ouders dit zelf niet weten?’. Uiteraard mogen ouders dit zelf weten, maar dan wat mij betreft wel met de volledige informatie, zodat ze de juiste beslissing kunnen nemen. Als de heren van de WC-eend, WC-eend aanbevelen, dan is er geen onafhankelijk tegengeluid. Misschien moet mijn blog maar als zodanig beschouwd worden.



Aanvullingen na het schrijven van dit blog:

Op 29 oktober 2023 kwam ik via LinkedIn een post van Paul Kirschner tegen: https://www.kirschnered.nl/2023/10/29/let-op-mythe-alert/

Op 14 november 2023 nam ik deel aan het WIB-congres: daar leerde ik dat de volgende drie mythen nog steeds de ronde doen:

  • We gebruiken maar 10% van ons brein (niet waar)
  • De leerpiramide van Bales laat zien hoe we het beste leren (debunked – niet waar).
  • Leerproblemen zijn te verklaren uit het feit dat hersenhelften niet goed samen werken (niet waar) ***

**Op 19 november 2023 stuitte ik op een open brief van een aantal vooraanstaande Vlaamse wetenschappers die zich zorgen maken over de opkomst van de reflexintegratie. Ook de Vlaamse (online) kranten (o.a. De Morgen en De Standaard) schreven hierover. Een van de Vlaamse ondertekenaars stuurde via LinkedIn een aanvullend artikel door dat professionals oproept om dwaalwegen en mythen te weren. Op 7 februari 2024 werd een vergelijkbare brief door vooraanstaande Nederlandse wetenschappers verspreid. Het werd opgepikt door NU.nl. Ook Didactief Online plaatste deze brief. Er is ook een radiofragment beschikbaar met de initiatiefneemster.

***Op 24 november 2023 werd ik via LinkedIn gewezen op het antwoord van Kennisrotonde op de vraag: Hebben lateralisatieoefeningen effect op ontwikkeling handvoorkeur en taal- en schrijfvaardigheid bij kleuters?

Op 24 november 2023 schreef Pedro Debruykere een blog over de ophef rondom Bodymap.

Wil je weten wat je kunt doen om jezelf van dwaalwegen kunt behoeden? Lees daarvoor mijn andere blog.


Goed om te weten

Vind je het belangrijk dat jouw (school)team/leden/deelnemers hier meer over zouden moeten weten? Neem contact met mij op. Ik geef regelmatig lezingen over dit onderwerp.

Ben je ook tegen dwaalwegen in onderwijs en opvoeding? En wil je anderen ervoor behoeden? Voel je vrij dit blog te delen. Hetzelfde geldt voor mijn andere blog.

Voor scholen, praktijken, instellingen, centra voor jeugd en gezin en KDV’s zie ik een belangrijke rol in het verspreiden van deze informatie onder personeel en onder ouders. Als ouders of collega’s eenmaal een dwaalweg ingeslagen zijn, maken ook zij denkfouten. En ga er dan maar aan staan. Overigens wil je met de juiste professionals aan tafel in overleg. Zonde om aan tafel tijd te moeten verliezen aan dwaalwegdiscussies.

Tot grote ontsteltenis vernam ik dat er een Pabo is in Nederland die een tijdlang specifieke dwaalwegen omarmde en verweefde in het curriculum. Ik weet niet of dat nu nog het geval is, maar uiteraard doen ook Pabo’s er goed aan om hun studenten een goede houding mee te geven als het gaat om het kritisch onder de loep nemen van bepaalde zaken. Op academische Pabo’s gebeurt dat gelukkig vanzelfsprekend.


Afbeeldingen: pixabay

Laat een reactie achter